Kerkfabriek

In toepassing van het decreet van het Vlaams Gewest van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en de werking van de erkende erediensten moet er per parochie een kerkfabriek voorzien worden
.De kerkfabriek is belast met de zorg voor de materiële voorwaarden die de uitoefening van de eredienst en het behoud van de waardigheid ervan mogelijk maken.
De kerkfabriek wordt bestuurd door een kerkraad.

De kerkraad bestaat uit 5 vaste verkozen leden en een door het bisdom toegevoegd lid, zijnde de pastoor in opdracht.
De raadsleden kunnen zich kandidaat stellen en worden verkozen voor een periode van zes jaar.

De huidige raadsleden zijn:
– voorzitter: Yves Passchyn
– secretaris: Karl Vileyn
– penningmeester: Guido Emmaneel
– raadsleden: Kristien Goetghebeur en Lieve Verhaeghe
– pastoor in opdracht:  Antoon Wullepit

De taak van de kerkfabriek omvat voornamelijk het beheer van de financiële exploitatie en de investering van allerlei werken.
De exploitatie omvat alle vaste kosten, zoals energie, verzekering, wedde van personeel, allerlei aankopen voor de liturgie,  enz.
De investering maakt deel uit van een 6-jarig meerjarenplan, waarbij allerlei grotere uitgaven gepland worden.

Als voorbeeld hiervan: werd het dak van de kerk vernieuwd. De glasramen in lood werden volledig gerenoveerd en voorzien van voorzetglas. Ook de regenafvoeren werden vernieuwd en de platte daken werden voorzien van isolatie en een  roofinglaag.

De financiering van dat alles gebeurt enerzijds met de subsidies van het Vlaams Gewest voor bepaalde investeringswerken en dotaties en/of doorgeefleningen van het stadsbestuur.
Daarnaast moet er een deel van de inkomsten van de kerk, zoals omhalingen, begrafenissen, huwelijksmissen en dergelijke verplicht als inkomen aan de kerkfabriek doorgegeven worden.

In toepassing van  het decreet dient er ieder trimester minstens één kerkvergadering gehouden te worden.
Daarnaast dient men in te staan voor het opvolgen van eventuele werken en betaling van alle facturen hieromtrent.